Vraag & Antwoord: Convenant ‘Stappen naar een dierwaardige veehouderij’

1. Wat is de aanleiding voor een Convenant ‘Stappen naar een dierwaardige veehouderij’?

Het Convenant komt voort uit het coalitieakkoord van het  kabinet Rutte IV in januari 2022. Daarin is opgenomen dat een Convenant ‘Stappen naar een dierwaardige veehouderij’ zal worden opgesteld. Het moest de basis worden voor toekomstige wetgeving rond dierenwelzijn ter vervanging van het in 2021 aangenomen Amendement Vestering (zie vraag 4).

Het amendement, de nieuwe wet, verbood het aanpassen van het dier aan haar omgeving. Maar na juridische adviezen bleek deze wet niet uitvoerbaar en handhaafbaar te zijn en is in het coalitieakkoord besloten tot het opstellen van een convenant als basis voor deze nieuwe wetgeving.

 

2. Wat was de aanleiding voor het ontwikkelen van wetgeving over dierwaardige veehouderij?

Het in 2021 aangenomen Amendement Vestering is de start geweest van het gehele traject rond ‘dierwaardige veehouderij’. In 2021 stemden de Tweede en Eerste Kamer in met het amendement van Leonie Vestering (Partij voor de Dieren) om de Wet dieren aan te passen. Dit amendement kon toegevoegd worden doordat op dat moment de nieuwe diergezondheidswetgeving (AHR) werd behandeld in de Tweede Kamer. Het voorstel van Vestering verbood het zonder redelijk doel aanpassen van dieren aan een houderij- of huisvestingssysteem.

Ondanks het negatieve advies van toenmalig landbouwminister Carola Schouten, stemde de Tweede en Eerste Kamer voor dit amendement.

 

3. Wat is het doel van het Convenant ‘Stappen naar een dierwaardige veehouderij’?

Het convenant heeft tot doel om samen met de landbouwsector, de Dierenbescherming, overheid en de markt, stappen te zetten richting een dierwaardigere veehouderij.

Het legt de randvoorwaarden vast (zie vraag 7 en 9) die nodig zijn om deze stappen te zetten. Een onafhankelijke autoriteit ziet hierop toe.

 

4. Waar komt de term ‘dierwaardige veehouderij’ vandaan?

De Raad voor Dierenaangelegenheden, de RDA, heeft deze beschreven in haar zienswijze Dierwaardige Veehouderij uit 2021. Daarin beschrijft zij de 6 leidende principes voor de veehouderij (zie ook afbeelding):

  1. Erkenning van de intrinsieke waarde en integriteit van het dier.
  2. Goede voeding.
  3. Goede omgeving.
  4. Goede gezondheid.
  5. Soort eigengedrag.
  6. Positieve emotionele toestand - dit komt voort uit het voldoen aan alle voorgaande principes.

 

5. Waarom neemt POV deel aan het Convenant ‘Stappen naar een dierwaardige veehouderij’?

In de afgelopen jaren hebben we te maken gehad met wispelturig beleid, een onvoorspelbare politiek met weinig oog voor ondernemers. De POV neemt deel aan dit convenant om mee te sturen op het beleid. Het alternatief - het overlaten aan de overheid en/of een rechter (bij toepassing van amendement Vestering, Partij voor de Dieren) - brengt meer risico's voor de sector met zich mee. Zonder deelname zou de sector niet mee kunnen praten over de randvoorwaarden die nodig zijn.

 

6. Wat is de relatie tussen het Convenant ‘Stappen naar een dierwaardige veehouderij’ en de wetgeving?

Het convenant en de wetgeving staan los van elkaar. Ze hebben verschillende doelen en verantwoordelijken. Voor de wetgeving is de overheid verantwoordelijk, in dit geval het Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN). Voor het convenant ‘Stappen naar een dierwaardige veehouderij’ zijn de volgende partijen verantwoordelijk (deze partijen hebben het convenant ondertekend):

  • Ministerie van LVVN.
  • Sectorpartijen: varken (POV), melkvee en kalf, pluimvee.
  • Markt- en ketenpartijen: Centraal Bureau Levensmiddelenhandel (CBL), Centrale Organisatie voor de Vleessector (COV), Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI).
  • Maatschappelijke partijen: de Dierenbescherming, Caring Farmers.

In de wetgeving wordt verwezen naar het convenant en een onafhankelijke autoriteit (zie vraag 10).

 

7. Wat staat in het Convenant ‘Stappen naar een dierwaardige veehouderij’?

Het convenant vormt het kader waarbinnen de stappen naar een dierwaardige veehouderij genomen kunnen worden. Dit zijn kaders, zoals:

▪ Randvoorwaarden die nodig zijn om deze stappen te ondernemen (zie vraag 9).

▪ Toezicht door een onafhankelijke autoriteit op de afspraken die door de partijen zijn gemaakt in het convenant en in hoeverre de ondertekenaars van het convenant hun afspraken nakomen (zie vraag 10).

▪ Markt en keten die een rol hebben in het vermarkten van meer dierwaardige producten (zie vraag 11).

▪ Governance/beslisstructuur (zie vraag 12).

 

8. Wat is de inzet van de Nederlandse varkenshouderij binnen het Convenant ‘Stappen naar een dierwaardige veehouderij’?

POV, Vereniging Biologische Varkenshouders, NAJK en de Dierenbescherming erkennen dat de Nederlandse varkenshouderij al een sterke basis heeft en al grote stappen heeft gemaakt. Er wordt onder meer binnen CoViVa toegewerkt naar ‘Robuuste varkens in een diervriendelijke omgeving’ (spoor 4). Dit is de basis van het Plan van Aanpak. In dit Plan van Aanpak zijn vervolgstappen geformuleerd, mét randvoorwaarden (zie vraag 9), voor de komende 15 jaar (tot 2040). In dit Plan van Aanpak staat:

De Nederlandse varkenshouderij werkt aan ambitieuze doelen: gezonde dieren, gezonde leefomgeving, gesloten kringlopen, vitale dieren en een diervriendelijke houderij. Daarbij horen ook aantrekkelijke verdienmodellen voor varkenshouders, een stevige positie op de markt én een positieve bijdrage aan het klimaat.

• Het streven is een varkenshouderij die wereldwijd voorop loopt in zorg voor en behoud van de integriteit van het varken.

• Het welzijn van de varkens is geborgd, ze worden gehouden in een veilige omgeving, met sociaal contact en hebben een goede kwaliteit eten en drinken, gegeven op een wijze die past bij het eet- en drinkgedrag van een varken.

• De dieren presteren optimaal met een krulstaart, doordat ze in een stal worden gehouden waar het varken zich comfortabel voelt. Het varken kan voldoen aan zijn eigen individuele gedragsbehoeftes en synchronisatie van gedrag is mogelijk door duidelijke functiegebieden.

• Hierbij hoort een gezond stalklimaat met oog voor bijvoorbeeld hitte- en koudestress.

• Ook krijgen ze de juiste zorg op het juiste moment. Ziekten worden zoveel mogelijk voorkomen door individuele zorg en een diergerichte aanpak.

 

9. Wat staat er in de randvoorwaarden?

De randvoorwaarden zijn voorwaarden, die nodig zijn om stappen naar een dierwaardige veehouderij te nemen, zoals:

▪ Financiering.

▪ (Omgevings)vergunning.

▪ Afzetmarkt met positieve business case.

▪ Samenhang met andere duurzaamheidsopgaven, zoals emissiereductie.

Zonder invulling van deze randvoorwaarden kan de volgende stap niet genomen worden. Per maatregel in het Plan van Aanpak (vraag 8) staan de benodigde randvoorwaarden.

 

10. Wat is de onafhankelijke autoriteit en wat doet deze?

De autoriteit rapporteert, evalueert en signaleert de voortgang van de gemaakte afspraken binnen het convenant tussen alle partijen (overheid, markt, sector en maatschappelijke organisaties). De autoriteit zorgt ervoor dat de uitvoering van de afspraken binnen het convenant in een realistisch tempo verloopt: niet te snel en niet te langzaam.

De onafhankelijke autoriteit krijgt een publiek-private rechtsvorm, vergelijkbaar met Stichting Autoriteit Diergeneesmiddelen (SDa). Er wordt een verkenner aangesteld die deze autoriteit vorm moet geven. Tot de taken van de verkenner horen, naast de autoriteit vormgeven, ook de organisatorische en operationele voorbereidingen om de autoriteit onafhankelijk, transparant en efficiënt te laten functioneren.

 

11. Wat gaan de marktpartijen leveren in het Convenant ‘Stappen naar een dierwaardige veehouderij’?

In het convenant staat dat de deelnemende marktpartijen zich maximaal inzetten (binnen de mededinging regels) om dierwaardige producten in de Nederlandse schappen te leggen. Ook krijgt de boer een positie aan tafel (‘true pricing’).

Als dierwaardige producten toch niet in de winkels etc. komen en/of consumenten ze niet kopen, zorgen de randvoorwaarden en de onafhankelijke autoriteit in het convenant ervoor dat de rekening niet bij de boer op het bordje komt.

In het convenant zijn ook afspraken gemaakt over een gelijk speelveld op Europees niveau. Deze afspraken zijn inzet op:

▪ Het harmoniseren en verbeteren van de EU dierenwelzijnswet- en regelgeving.

▪ Het stellen van dezelfde dierwaardigheidseisen aan import uit derde landen.

▪ Het creëren van Europese marktvraag naar dierwaardig geproduceerde producten.

 

12. Hoe ziet de governance/beslissingsstructuur van het convenant eruit en wie betaalt de uitvoering?

Er komt een Bestuurlijk Overleg dat tenminste tweemaal per jaar bij elkaar komt. En er komen werkplaatsen om uitvoering te geven aan de sectorplannen. Elke sector richt een werkplaats in om het sectorplan uit te voeren. Voor de varkenshouderij wordt het Plan van aanpak Dierwaardige varkenshouderij (zie vraag 8) uitgevoerd binnen CoViVa.

Daarnaast komt er ter ondersteuning van het bestuurlijk overleg en de werkplaatsen een secretariaat. Een onafhankelijke autoriteit gaat rapporteren over de voortgang (zie vraag 10).

Het Ministerie van LVVN heeft budget vrijgemaakt voor ondersteuning van het proces van het Convenant ‘Stappen naar een dierwaardige veehouderij’, waaronder secretariaat Bestuurlijk Overleg.

De onafhankelijke autoriteit (zie vraag 10) moet nog ingesteld worden. Dit wordt een publiek-private stichting en dat zal betekenen dat een deel van de kosten door de sectoren betaald moet worden. De kijkrichting is dat minimaal de helft van de kosten door de overheid betaald wordt.

De kosten van investeringen en extra arbeid zullen uiteindelijk door de consumenten betaald moeten worden (zie vraag 11) . De randvoorwaarden (zie vraag 9) daarover zijn duidelijk en het is aan de onafhankelijke autoriteit dit goed te monitoren zodat tijdig ingegrepen kan worden.

 

13. Wat betekenen het convenant en de nieuwe wetgeving (AMvB) voor mij als varkenshouder?

Het convenant en de AMvB bevatten onderwerpen die binnen onze sector al langer op de agenda staan, zoals vrijloopkraamhokken, krulstaarten, een faciliterende overheid en Europese marktvraag.

Concreet betekent dit dat we in de toekomst gaan naar nieuwe staltypen. Soms is renovatie van de stal een optie, maar een bestaande stal valt niet altijd te renoveren of te verbouwen naar deze staltypen. Daarom ligt de focus op investeringsritme / nieuwbouw bij afschrijving en niet op jaartallen. Dus, wanneer je een nieuwe stal gaat bouwen, is het belangrijk om te kijken naar het Plan van Aanpak en de nieuwe normen. We hebben in het convenant vastgelegd dat deze stappen alleen gezet kunnen worden bij een goed functionerend vergunningentraject (hiervan is nu allerminst sprake) en vraag vanuit de Europese markt.

Thema's

POV maakt gebruik van cookies.

Wij gebruiken functionele en analytische cookies om onze website gebruiksvriendelijker te maken en een goede werking van onze website te kunnen garanderen. Wij gebruiken daarnaast ook marketingcookies. Ze geven ons geanonimiseerde informatie waardoor wij onze bezoekers zoveel mogelijk relevante content kunnen tonen. Ook kunnen wij u door het gebruik van marketingcookies advertenties laten zien. Wanneer u op 'doorgaan' klikt, geeft u ons toestemming voor het plaatsen van deze marketingcookies. Meer informatie over het gebruik van cookies door POV kunt u lezen in onze privacyverklaring.